Gezondheidseffecten

De kennis over gezondheidseffecten van geur is gebaseerd op onderzoek naar de geur van verschillende bronnen, zoals van industriële bedrijven en veehouderijen. De meeste geurstoffen zijn al te ruiken bij heel lage hoeveelheden. Bij die lagere concentraties geeft de stof zelf over het algemeen geen gezondheidseffecten, maar zijn er alleen aan de waarneming van de geur gezondheidseffecten verbonden. De geur kan verschillende gezondheidseffecten tot gevolg hebben: (ernstige) hinder, verstoring van gedrag en activiteiten, en mogelijk stress-gerelateerde gezondheidsklachten, zoals hoofdpijn, benauwdheid en misselijkheid. Er zijn algemene relaties voor de geurbelasting van veehouderijen en het percentage gehinderden afgeleid. Naast de geurbelasting is er een groot aantal persoonsgebonden factoren en omgevingsfactoren die deze relatie beïnvloedt, zodat lokaal zowel minder als meer hinder op kan treden dan verwacht.

Hoe ontstaan gezondheidseffecten?

In het rapport ‘Dosis effect relatie geur; effecten van geur’ is een model opgenomen, dat beschrijft hoe geurblootstelling kan leiden tot verschillende gezondheidseffecten. Wanneer iemand geur waarneemt, wordt eerst beoordeeld wat de betekenis van deze geur is. Wordt de geur als onaangenaam of de situatie als potentieel bedreigend beschouwd, dan kan dit leiden tot (ernstige) hinder en/of verstoring van gedrag of activiteiten, bijvoorbeeld het sluiten van ramen. Vervolgens wordt beschouwd hoe met die potentieel bedreigende situatie overweg gegaan kan worden. Dit wordt coping genoemd. Wordt ervaren dat de eigen vermogens tot coping onvoldoende zijn, dan zal er stress worden ervaren met de daarmee gepaard gaande fysiologische effecten. De hinder kan dan gepaard gaan met stress-gerelateerde gezondheidseffecten, zoals hoofdpijn, benauwdheid en misselijkheid.

Is hinder een gezondheidseffect?

Op basis van de definities van de WHO en de Gezondheidsraad kan hinder als een gezondheidseffect geïnterpreteerd worden. Volgens de definitie van de WHO is gezondheid een toestand van volledig lichamelijk, mentaal en sociaal welbevinden en niet slechts de afwezigheid van ziekte. De Gezondheidsraad hanteert als definitie van hinder: een gevoel van afkeer, boosheid, onbehagen, onvoldaanheid of gekwetstheid, dat optreedt wanneer een milieufactor iemands gedachten, gevoelens of activiteiten negatief beïnvloedt. Als iemand hinder ervaart heeft dit dus effect op zijn of haar welzijn. Hinder is daarmee te beschouwen als een gezondheidseffect. Zodra een geur kan worden waargenomen kan iemand daardoor gehinderd zijn. Over het algemeen wordt het aanvaardbaar geacht als er mensen soms gehinderd zijn, omdat hinder geen (ernstige) ziekte is. Maar als veel mensen zijn gehinderd in bijvoorbeeld een woonwijk, is niet te zeggen of dit aanvaardbaar is. Er zijn geen gezondheidskundige advieswaarden voor de mate van hinder. In principe is het een bestuurlijke afweging om te bepalen welke mate van hinder aanvaardbaar is. In ‘Hoeveel hinder is aanvaardbaar?’ worden hiervoor enkele handvatten gegeven.

Zijn er nog andere gezondheidseffecten dan hinder?

Ja, verstoring van gedrag en activiteiten en stressgerelateerde gezondheidsklachten zijn andere gezondheidseffecten die door blootstelling aan geur kunnen optreden. Deze effecten zijn minder goed onderzocht dan hinder. Verstoring door geur kan zich uiten in het sluiten van ramen, het niet graag buiten zijn, niet graag thuis zijn, bezoek niet graag ontvangen, vertrouwde of aangename geuren niet meer kunnen ruiken of minder diep ademhalen. Ook kunnen mensen niet graag op bezoek komen, omdat het er stinkt. De relatie tussen de geurbelasting en deze effecten is nog onvoldoende onderzocht.

Bloostelling aan geur kan stressgerelateerde gezondheidseffecten tot gevolg hebben, waaronder hoofdpijn, duizeligheid, misselijkheid en vermoeidheid. De resultaten van onderzoeken naar het verband tussen de geurbelasting en deze gezondheidsklachten zijn echter niet eenduidig. Een verband met een bepaalde gezondheidsklacht wordt in de ene studie wel en in een andere studie niet gevonden.

In 2015 is een Nederlandse studie verschenen, waarin de relatie tussen (geur)hinder en stress gerelateerde lichamelijke klachten is onderzocht. Mensen die hinder ervaren rapporteerden een minder goede gezondheid, meer luchtweg-, maag- en darmklachten, neurologische en stress gerelateerde symptomen dan mensen die geen hinder ervaren. Dit waren zelfgerapporteerde klachten en symptomen. Ze gingen niet vaker naar de huisarts voor deze klachten en symptomen. Een relatie tussen de klachten en symptomen en de geurblootstelling werd in deze studie niet bestudeerd.