Zoönosen bij veehouderijen met verschillende diersoorten

Er is maar heel weinig kennis over de verschillen in gezondheidsrisico’s die omwonenden van verschillende typen veehouderijen lopen. Het kleine aantal studies dat wel is gedaan, lijkt te laten zien dat er verschillen zijn in uitstoot van micro-organismen en gezondheid van omwonenden. Er is echter nog veel meer onderzoek nodig om op deze vraag een adequaat antwoord te kunnen geven. 

In één studie zijn bijvoorbeeld verschillen gevonden tussen de uitstoot van micro-organismen (en delen van bacteriën) bij pluimveebedrijven, varkensbedrijven en rundveebedrijven. De hoogste concentraties zijn gevonden rond pluimveebedrijven en de laagste concentraties rond rundveebedrijven. Wat dit betekent voor blootstelling en ziektelast bij omwonenden is onbekend. 

Luchtkwaliteit bij veehouderijen met verschillende diersoorten

De volgende veehouderijbedrijven stoten in volgorde van afnemende belangrijkheid, in het algemeen het meeste primaire fijnstof uit: pluimveehouderijen, varkenshouderijen, kalverbedrijven, melkvee- en vleesveebedrijven. Vanwege de maatschappelijke wensen voor meer dierenwelzijn is de legpluimveehouderij omgeschakeld naar scharrel- en volière systemen. Deze zorgen voor een veel hogere fijnstof emissie door de legpluimveesector (factor 10 verschil).

Veehouderijbedrijven zijn lokale bronnen van fijnstof. Er is het nodige onderzoek gedaan naar de invloed van deze emissies op de lokale concentratie fijnstof, vooral op basis van modelberekeningen. Zo is uitgebreid bekeken hoeveel stof veehouderijbedrijven uitstoten. Voor elke diercategorie en elk stalsysteem is een emissiefactor vastgesteld voor fijnstof. De emissiefactor geeft weer hoeveel fijnstof per dierplaats uit een bepaald type stal in omloop komt, in gewicht (gram) per jaar. Omdat de emissiefactor verschilt voor verschillende diersoorten zijn er voor iedere diersoort (pluimvee, varkens, runderen) verschillende emissiefactoren (zie www.infomil.nl). Aan de hand van deze emissiefactoren kan dus de emissie van een bedrijf met een zekere omvang van de dierpopulatie worden berekend.